Situatie:
Een keurige man van begin zeventig meldt zich bij de politie servicebalie. Hij spreekt snel en onsamenhangend en vertelt dat hij bijna ruzie kreeg in het verkeer. Uit boosheid had hij met vlakke hand op het dak van een auto geslagen. De bestuurder stopte even, maar reed weg omdat de man zo tekeer ging.
Hij legt uit dat hij sinds de opname van zijn vrouw met dementie niet meer tot rust komt en steeds vaker ruzie maakt met mensen om hem heen. De medewerkster vraagt of hij bezwaar heeft tegen de aanwezigheid van de wijkagent en een SPV. De man stemt in en zegt dat hij zichzelf niet meer herkent: vroeger was hij altijd kalm.
Om hem even lucht te geven en te zien of hij kan luisteren, stellen de wijkagent en SPV zich voor. De man is niet eerder met politie of GGZ in aanraking geweest. De SPV legt uit dat hij vanuit een GGZ-instelling samenwerkt met de politie. Het lukt de man stil te luisteren. Opvallend is dat deze verzorgde man snel ademt, rood in het gezicht is, zweet en rechts in zijn hals een bult heeft.
Zijn verhaal:
De man vertelt hoe zwaar het is zijn vrouw en grote liefde te zien wegglijden door dementie. Sinds haar opname in het verpleeghuis voelt hij zich rusteloos en boos. Hij gaat vaak op bezoek, maar ervaart daar snel irritatie. ’s Nachts loopt hij om het verpleeghuis heen om toch dicht bij haar te zijn, soms verschuilt hij zich in de bosjes als iemand naar buiten komt.
De SPV denkt aan een ontremd beeld door depressie en rouw, maar de lichamelijke klachten maken ook een somatische oorzaak mogelijk. Hij vraagt naar de bult in de hals, die groter en pijnlijker is geworden. De huisarts had de klachten eerder verklaard uit emotionele overbelasting en een slaapmiddel voorgesteld, maar geen lichamelijk onderzoek gedaan.
De SPV legt uit dat psychische klachten soms een lichamelijke oorzaak hebben en vraagt toestemming om met de huisarts te overleggen. Het is belangrijk eerst uit te sluiten dat er een probleem met de schildklier of een andere lichamelijke aandoening speelt. De bult moet in ieder geval nader onderzocht worden.
De uitslag:
De wijkagent spreekt met de man af dat hij hem mag bellen als hij bang is een woedeaanval te krijgen, met het advies eerst weg te lopen en tot tien te tellen. Als de wijkagent niet werkt, kan hij 0900-8844 bellen en naar het betreffende politiebureau vragen. Er wordt een notitie gemaakt zodat collega’s op de hoogte zijn.
Nog diezelfde middag belt de SPV de huisarts, waarna de man met spoed wordt doorverwezen naar het ziekenhuis. De zwelling in zijn hals blijkt kanker te zijn die de schildklier aantast en daarmee zijn klachten verklaart. De SPV complimenteert de medewerkers van de servicebalie, die hem op het juiste moment in contact hebben gebracht met de wijkagent en de SPV.
Hoe de behandeling is verlopen weten we niet, maar door het optreden van de servicebalie is de zorg opgestart. De huisarts is normaal de poortwachter in de gezondheidszorg, maar ook de servicebalie van de politie vervult soms die rol.
Het advies:
Deze man leek bij binnenkomst een ‘verward persoon’, maar de oorzaak bleek een ernstige ziekte. Niet alles is te herkennen, zelfs voor artsen niet, maar basiskennis en handelingsperspectief voor medewerkers van de balie kan van groot belang zijn.
De wijkagent spreekt met dhr. af dat hij de wijkagent kan bellen op zijn mobiel als hij bang is een woedeaanval te krijgen. Natuurlijk eerst proberen uit de situatie te stappen en weg te lopen + tot 10 tellen. Als de wijkagent geen dienst heeft mag hij het nummer 0900 8844 (geen spoed, wel politie) bellen en vragen naar politiebureau R. De wijkagent maakt een notitie in het systeem zodat collega’s bekend zijn met zijn situatie.
Juist deze mogelijkheden maakt dat dhr. hier geen beroep op zal doen.
Dezelfde middag heeft de SPV de huisarts gebeld en is de man met spoed verwezen naar het ziekenhuis voor vervolgonderzoek. De zwelling (bult) bleek toch kanker te zijn die de werking schildklier beïnvloedde. Daar paste de lichamelijke en psychische symptomen bij.
De SPV heeft de medewerkers van de servicebalie ingelicht maar vooral gecomplimenteerd dat zij deze man gevraagd hebben om met de wijkagent en de SPV in gesprek te gaan op basis van zijn verhaal.
Wij weten niet hoe de behandeling bij de man is verlopen. Wat wij wel weten dat door de interventie van de servicebalie van politie de zorg voor deze man is opgestart.
In de gezondheidszorg is de huisarts de eerste toetsing. Dat noemen wij de Poortwachters functie.
Deze belangrijke en verantwoordelijke functie heeft de voordeur / servicebalie van politie. Deze man was bij binnenkomst een ‘verward persoon’ maar er zijn zoveel oorzaken van verwardheid door een ziekte.
Het is onmogelijk deze allemaal te herkennen. Zelfs artsen missen soms bijzondere toestandsbeelden. Toch zou het goed zijn als medewerkers van de servicebalie globale en praktische kennis krijgen of/en snel weten wat te doen bij twijfel.